Berry Brugman    
(Almelo 1915 – Almelo 1996)

Na zijn opleiding aan de middelbare school in Almelo ging Berry naar de Kunstacademie in Arnhem.
Na zijn studie bekwaamde hij zich in 1942 in Amsterdam bij Jos Rovers in portret en model schilderen.
Ondertussen vestigde hij zich in Almelo als kunstschilder en liet hij zich eerst inspireren door de landschappen van Twente en later door die van Schiermonnikoog.
Ook maakte hij veel bloemstillevens.
Een andere bron van inspiratie was het lijden. Zo schilderde hij de hongerende mensen in Biafra en de vluchtende mensen uit de verwoestende Vietnamese stad.
Zijn religieuze schilderijen tonen veelal een lijdende Christus.
Brugman bewonderde de expressionisten, maar bleef zijn keuze trouw.
Hij was lid van de Twentse Kunstkring, de Amsterdamse kunstenaarsvereniging Stuwing en Indigo '79.
Zijn werk werd vele tientallen keren geëxposeerd in binnen- en buitenland. Recensies uitten zich lovend over zijn expressionistische werk.


 


Janny Brugman – de Vries        
(Sneek 1918 - Groningen 2006)

Na haar opleiding aan de Nutskweekschool in Nijmegen ging Janny naar de Kunstacademie in Arnhem. Ze begon als schilder, maar al vrij snel beheerste zij vaardig het vak van beeldhouwster. Ze leerde het beeldhouwen van Gijs Jacobs van den Hof. Na haar eindexamen boetseerde ze vooral portretten en klein plastieken.
In Amsterdam werd ze lid van het Lucas gilde en later in Almelo van de Twentse Kunstkring en Indigo '79.
Door haar huwelijk met schilder Berry Brugman vestigde zij zich in Almelo.
Na de Tweede Wereldoorlog nam ze deel aan tentoonstellingen van oorlogsmonumenten o.a. in het Stedelijk Museum te Amsterdam. Ze maakte oorlogsmonumenten in brons en steen.Daarna voelde ze zich sterk aangetrokken tot de toegepaste kunst in de architectuur en de vrije beeldhouwkunst. Opdrachten voor banken, scholen, kerken, ziekenhuizen werden uitgevoerd; beelden, metaalplastieken en mozaïeken. Ze maakte beelden in plantsoenen. Ze was behalve figuratief ook abstract werkzaam in steen, brons, koper en ijzer. Veel van haar werk is nog steeds te zien in de openbare ruimte.
Janny was erg sociaal betrokken. Zo zette zij zich o.a. als kunsttherapeute in voor patiënten van het Sanatorium in Hellendoorn.
Voor haar hulp aan Joden tijdens de Tweede Oorlog ontving ze het Verzetsherdenkingskruis.
Vanwege hun inzet voor de Nedersaksische cultuur en hun ‘band met mensen uit de streek’ werden Janny en Berry in 1984 in Hellendoorn onderscheiden met de Johanna F. van Buren Cultuurprijs.


 

Deel uw kunst van Brugman
Ondanks jarenlang speuren, is zeker niet alles van Berry en Janny gevonden. Helaas is er ook veel gewoon verdwenen. Toch blijven we zoeken en zijn we heel blij als mensen ons benaderen. Hebt u ook iets wat u met ons wilt delen, mail debrugmancollectie@gmail.com. We zijn ook benieuwd naar úw schilderij, kunstwerk of verhaal.
 

De hele Twentse Kunst Collectie online 
Steeds vaker word ik benaderd door mensen met de vraag wat te doen met kunstwerken uit nalatenschappen.
In de verkoop? Een liefhebber, een verzamelaar kun je er een groot plezier mee doen. Maar de mensen met een groot hart voor de kunst (en dan met name de schilderijen) van kunstenaars ooit wereldberoemd in Twente en een beetje daarbuiten sterven ook uit met deze kunstenaars. Er is steeds minder belangstelling. Toen ik met mijn boek ‘De Brugman Collectie’ bezig was, zei mijn vrouw vaak: "Als straks je boek uit is, zullen de prijzen van de schilderijen stijgen”. Joa, joa. Nee dus.
Op veilingsites wordt op deze schilderijen nauwelijks geboden. Dat geldt ook voor veilinghuizen. De startprijs is laag en zit je er als enige fan, dan ben je spekkoper. Heel anders dan decennia geleden toen men kunst aankocht als belegging. Schilderijen die ooit duizenden guldens kostten, gaan nu weg voor hooguit een paar honderd euro. Soms zelfs voor meerdere tientjes.
Expositieplekken zijn er nauwelijks meer in Twente. Eind 2019 sloten om verschillende redenen Heartgallery in Hengelo, Tolg’art in Wierden en Galerie ‘t Vosseveen in Albergen hun deuren. Eén van hen verzucht dat de belangstelling om een schilderij te kopen de laatste jaren sterk is afgenomen. Wel kijken, maar niet kopen.

Kinderen en kleinkinderen van overleden kunstenaars verdelen onderling de kunst van hun ouders c.q. grootouders. Het kan dan gaan om wel meer dan honderd werken. De mooiste en die waar men de meeste emotie aan bewaart blijven binnen de familie. En de rest? In de uitverkoop? In depot?
In het artikel ‘Riemko sterft voor de tweede keer’ schreef Herman Haverkate in TCTubantia (do 24 oktober 2019) over de uitverkoop van de nalatenschap van de Twentse kunstenaar Riemko Holtrop (1914-1996). Na de sluiting van de expositieplek hield dochter Mariëtte Holtrop een uitverkoop. Wat niet verkocht werd, ligt in de opslag. Mariët Holtrop: "Het is met mijn vader zoals met heel veel andere kunstenaars: bewonderd bij leven en regionaal van grote betekenis, maar uiteindelijk behoort hij net niet tot de top. In het huidige kunstklimaat val je dan onherroepelijk tussen de wal en het schip.” Directeur Arnoud Odding van het Rijksmuseum Twenthe spreekt in dit artikel van een groot probleem, met vaak tragische gevolgen. Families van overleden kunstenaars melden zich regelmatig bij het Enschedese museum, maar eigenlijk altijd, zegt hij, is het antwoord negatief. "Hoe sympathiek en ook waardevol, maar we kunnen er niks mee. Ons depot is vol. Werken aanvaarden kost geld. Je moet ze niet alleen opslaan, maar ook onderhouden en liefst ook met een zekere regelmaat laten zien. In het museum zoals wij dat nu zijn, is dat een onmogelijkheid.”

Ik doe een pleidooi om werk niet zomaar weg te doen.
Ik doe een beroep op museumdirecteuren en particulieren om enig werk aan te kopen, zodat niet alles verdwijnt.
Wat zou het fantastisch zijn dat er ergens in een museum of b.v. overheidsgebouw in Overijssel werk hangt van (overleden) Twentse kunstenaars.
Zij verdienen waardering!
Een kwestie van keuzes maken. Wil je kunst gemaakt door kunstenaars uit de eigen regio een plek geven (ook al is dat in het depot) of niet.
Helaas zijn musea veelal niet geïnteresseerd. En hun depots puilen uit. Maar daar is sinds 2019 een oplossing voor. Musea kunnen nu kunst uit hun depot aanbieden via museumdepotshop.nl.
Het is echt zonde dat zoveel kunst geen waardering krijgt en verdwijnt, zonder dat zich er iemand druk om maakt. Is er ook niet zo iets als een kunsthistorisch erfgoed wat we regionaal moeten koesteren?
Natuurlijk begrijp ik ook wel dat niet alles bewaard kan worden, maar misschien een door kunsthistorici gemaakte verantwoorde selectie moet toch kunnen.
In Twente waren kunstkringen als de Twentsche Kunstkring, Nieuwe Groep ’45 en Indigo actief.
Het werk van Twentse schilders hoort in Twente.

Goed voorbeeld geeft het Rijssens Museum waar vooral schilderijen van de plaatselijke schilders Gerrit Kwintenberg en Fedor van Kregten worden tentoongesteld. Van Kregten heeft sinds 2015 zelfs een heuse galerij!
Eind 2019 kocht Museum De Fundatie een werk ‘Zonder titel’ (1964) van Theo Wolvecamp. Het was de missing link tussen drie andere werken van de Hengelose CoBrA-schilder in de collectie. Deze aankoop leidde tot een reactie op twitter: "Eigenlijk zouden we voor Theo Wolvecamp ook een museum in Hengelo moeten hebben.” Ik voeg daar graag aan toe: "En niet alleen van deze mede-oprichter van CoBrA, maar ook van andere kunstenaars uit Twente”.
Gelukkig zijn er meer goede initiatieven. Fantastisch was de samenwerking tussen Stadsmuseum Almelo en de Vrienden van de Grote Kerk Almelo. Voor een mooie tentoonstelling ‘Grote Kerk in beeld’ stelde Stadsmuseum Almelo werken van Almelose kunstenaars (o.a. Cornelis J. van der Aa, Berry Brugman en Jan Jans) uit het depot beschikbaar. Resultaat een verrassend mooie tentoonstelling in de Grote Kerk!
Vergelijkbaar aan dit Almelose initiatief organiseert Museum De Fundatie onder de noemer FUNDATIEfusions al geruime tijd een reeks compacte presentaties op diverse locaties (o.a. in gemeentehuizen en kunsthallen) in onze provincie. Zou onder deze noemer ook niet werk (uit het depot) van Twentse kunstenaars geëxposeerd kunnen worden?
Ander prima initiatief zag ik in restaurant Het Middenplein in Enter. Daar hangen aan de wand van het smaakvol ingerichte restaurant meerdere schilderijen van Jan Broeze uit Elsenerbroek.
Zeker vermeldenswaardig is de mooie 'De Twentsche Schilderijengalerie' in De Museumfabriek in Enschede. De Oudheidkamer Twente en De Museumfabriek selecteerden hiervoor op een erg grote wand een flink aantal mooie werken van (overleden) kunstenaars uit Twente. 

En als het niet ergens in een museum of in een depot kan, dan is een online collectie een goed alternatief om de kunst te bewaren en toegankelijk te maken voor het publiek wat wel geïnteresseerd is. Op zo’n website zouden wisselende web exposities te zien kunnen zijn.
Rijksmuseum Twenthe heeft al een prachtig online archief. Alleen ontbreken hier nog heel veel Twentse kunstenaars. De website Kunstnonstop.nl met kunst uit Enschede en omgeving ziet er ook echt prima uit. Op WieiswieinOverijssel.nl is veel te lezen over meerdere Twentse kunstenaars. Zouden de beheerders van deze websites niet elkaars informatie willen delen of aan elkaar willen linken, zodat een centrale plek kan uitgroeien tot één groot digitaal depot, een platform oftewel één grote De Twentse Kunst Collectie Online? Blijft de kunst in elk geval met enkele muisklikken zichtbaar onder ons.

Jan van der Kolk
 
Reageren kan via debrugmancollectie@gmail.com.
 
Links:
Rijksmuseum Twenthe
Kunstnonstop
Wie is wie in Overijssel 
Museum De Fundatie
Stadsmuseum Almelo 
Jan Broeze
 
 



 

Lezing

Voor de Soroptimisten afd. Twente (Janny was er jarenlang lid) verzorgde Jan van der Kolk in Museum No Hero in Delden een lezing. Ook hield hij lezingen voor Rotary Wierden en Probus Twenterand.
Deze lezingen smaken naar vaker.
Graag verzorgt hij ook voor u een Brugman-lezing. Vraag naar de mogelijkheden en mail debrugmancollectie@gmail.com.

 

 

          
 

 Hebt u informatie over één van de kunstwerken in het menu Gezocht?
Mail uw reactie naar: debrugmancollectie@gmail.com